Alleen maar moe zijn

Er is best wat onbegrip als je langdurig ziek bent. Chronisch ziek zijn wil ik het nog niet noemen, want dan ga ik er vanuit dat ik niet meer herstel en dat weiger ik te geloven. Maar langdurig is het wel zeker. Al 7 maanden niet aan het werk zijn, al 7 maanden niet deelnemen aan de maatschappij. En dat door longcovid. Dat is kut. En hoe langer het duurt, hoe minder mensen echt begrijpen wat er met mij aan de hand is. Als het nou om een gebroken been zou gaan, dan zou dat het allemaal veel makkelijker zijn. Dan is het duidelijk wat er aan de hand is en wanneer het weer over is. Nu weet niemand het. Niemand kan mij vertellen wanneer het beter zal gaan. Niemand kan mij vertellen wat de beste behandeling is. Niemand weet wat er nu precies aan de hand is. En weinig mensen die echt snappen hoe ik me voel. 

Gelukkig gaat het beter dan 7 maanden geleden, toen kon ik echt niets anders dan op de bank liggen. Maar veel dingen gaan (nog) steeds niet. Het herstel gaat zo tyfus langzaam (ja hier zit wat frustratie hoor 😉 ). En het verloop is grillig. Daar waar ik de ene keer twee afspraken op een dag aan kan, moet ik de week erna afspraken afzeggen omdat ik te moe ben en doe ik niets anders dan op de bank liggen. Daar waar ik de ene dag denk ‘hé ik heb vandaag gestofzuigd, boodschappen gedaan en ik heb nog energie over’, kan een andere dag een afwasje doen al te veel zijn. 

En dat ‘moe’ zijn, dat is me toch een partij vermoeiend! Het is lastig om uit te leggen hoe het voelt en wat het betekent voor mijn dagelijks leven. En ‘alleen maar moe zijn’ is ook zo wat. Het klinkt als zoiets marginaals, maar het heeft zo’n impact op mijn leven. Iedereen is wel eens moe. Maak een paar goede nachten en het is klaar zou je denken. Helaas werkt het zo niet. Mijn energiehuishouding is zo verstoord, dat de minste (extra) inspanning grote gevolgen heeft.

Maar ook al gaan dingen kut en zijn dingen zwaar, ik probeer altijd de silver lining te zien. En dat betekent ook dat ik niet constant stil sta bij hoe kut het nou eigenlijk is, maar juist dat ik geniet van de dingen die ik wel kan en doe. Dus ga ik een kop thee drinken op werk, dan ben ik blij dat ik weer even onder de mensen ben en een heel klein beetje het gevoel heb dat ik mee doe. Dan zien mensen een (redelijk) vrolijke Fé. Dat dat mijn activiteit van de dag is en ik de rest van de dag niet veel meer kan, wordt niet gezien. En wanneer ik op social media deel wat wel goed gaat of wat ik wel doe, zie je ook niet wat er allemaal niet goed gaat. 

Dus ik snap het onbegrip wel. Want mensen zien maar de helft en zelf snap ik ook geeneens wat er precies aan de hand is. Maar als ik toe zou geven aan alles wat niet gaat en niet meer de leuke dingen zou doen, dan zou het leven wel erg zwart worden. Het is bij tijd en wijlen mentaal al erg zwaar, dus focus ik me op dat wat wel gaat. En vooral op dat waar ik energie van krijg. En daar zoek ik een balans in. Leuke dingen doen met de energie die ik wel heb. Zodat het leven leefbaar blijft. 

Ondertussen ben ik hartstikke hard aan het werk. Aan het opbouwen met activiteiten. Aan het uitvogelen wat werkt en wat niet. Aan het zoeken naar de balans. Aan het bijkomen van het huishouden. Aan het proberen er mentaal niet aan onderdoor te gaan. Aan mijn herstel. 

Ik heb er ontzettend veel voor over om weer te kunnen sporten, om een avondje te dansen, om weer aan het werk te gaan. Om energie te hebben. 

Maar voor nu ben ik alleen maar moe. 

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven